zondag 1 maart 2009

Belgische zeerampen uit 1883

Zeerampen te Blankenberge, te Heist en voor de kust van De Panne

Tijdens een tempeest (stormweer), begin maart 1883 voor de Belgische kusten, met krachtige hevige stortbuien en rukwinden uit het N.N.W, vaarde een deel van de vissersvloot naar binnen. De ongerustheid bij de bevolking, zat er diep in, die krampachtig van de schrik alles gadesloegen van op de Zeedijk. Velen waren ervan overtuigd dat de binnenvarende sloepen zouden te pletter slaan.

Wanneer de visserssloep van reder Derycker de haven wilde binnenvaren, werd de boot op het staketsel geworpen. Het onweer was ondertussen in kracht toegenomen, toen de sloep van reder Joseph Marenner, door een ijzingwekkende golf op 20 minuten varen van de kust omvergeworpen werd. De bemanning vond de dood in de golven. Dit waren: reder Marenner, gehuwd en vader van 5 kinderen; Jan Debo, eveneens gehuwd en vader van 3 kinderen; Jan Marenner, 18 jaar en ongehuwd en Leo Waeghe, 23 jaar en ongehuwd.

Op hetzelfde ogenblik kapseisde een visserssloep van Heist tussen Blankenberge en de sluizen. Hierbij kwam de voltallige bemanning om het leven. De ongehuwde reder Jan Gezelle uit Blankenberge werd door een zeeslag van zijn roer weggerukt en vond de dood. Voor de andere bemanningsleden moest er hulp geboden worden. In totaal vielen er in de Blankenbergse vissersfamilie vijf doden te betreuren, die twee weduwen en acht wezen achterlieten!

De toenmalige burgemeester van Wenduine en de onderluitenant der douane lieten zich onderscheiden door in zee te gaan, om een visser uit Heist te helpen, die zich in een benarde positie bevond. Hij had, wanneer hij overboord geslagen werd, zich aan een deel van het vaartuig kunnen vastklampen en werd zo naar het strand getrokken.

In een later toegekomen brief meldde men, dat er negen vissers van Heist de dood gevonden hadden. Men schreef uit Heist op 6 maart 1883:

‘Gisterenmorgen waren 35 sloepen uitgevaren, het weer was schoon en men hoopte op een goede visvangst. De teleurstelling kwam al vlug. Van de 35 vissersvaartuigen, keerden er maar 20 deze morgen terug, proberend te woedende zee te ontvluchten, kwam een stuurman ter hoogte van het ‘Grand hotel de la Plage’ om het leven.

Een andere sloep kapseisde niet ver van de sluizen, waarbij vier mannen in zee verdronken terwijl de vijfde persoon zich kon vastklampen en zo gered kon worden. Vonden de dood:

Reder, Jan Verbeke;
Visser, Sebastiaan Van Torre (vader);
Visser, Constant Van Torre (zoon);
Visser, Pieter Dewaele’


De Panne

Drie vissers uit De Panne verdronken in zee eind 1883, waarvan twee van hen begraven werden in Adinkerke. Deze vissers waren:

Karel Rubben, geboren te Koksijde in 1849 en echtgenoot van Mathilde Deboutte;
Henricus Deboutte, geboren te Oostrozebeke in 1850 en ongehuwd.

Allen waren vertrokken op visvangst vanuit De Panne, op vrijdagavond 30 november 1883.De dag daarna werden zij in de vroege morgen, uit hun boot geworpen, door de onstuimige woelige zee. De zeevaarders kwamen hierbij allen om het leven. Twee voornoemde vissers spoelden aan en konden worden begraven. Van de derde visser was er geen spoor te bespeuren.

Bron:
Gazette van Brugge, zaterdag 10 maart en woensdag 5 december 1883
Noël De Mey
© Sabam 2008

Op de hoogte blijven?  Abonneer je op mijn feed.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen